Live updates

Goedkope elektrische auto's uit China winnen terrein door wereldwijde energiecrisis

China's export van elektrische en hybride auto's bereikte vorige maand een recordniveau. Door stijgende olieprijzen en de onzekerheid rond de oorlog in het Midden-Oosten groeit de vraag naar elektrische auto's, van Europa tot Zuid-Amerika en in grote delen van Azië. Hoewel China wereldwijd leidend is, domineren in Europa nog altijd westerse merken de automarkt. Maar de vraag is voor hoelang nog. Chinese elektrische auto's, die doorgaans aanzienlijk goedkoper zijn dan die van hun Amerikaanse of Duitse concurrenten, zijn bezig aan een duidelijke opmars. En die lijkt door de crisis in het Midden-Oosten een flinke prikkel te krijgen. Betaalbaar rijden Er hangt een sfeer van optimisme op 's werelds grootste autobeurs, in de hoofdstad Peking. Hoewel met zo'n 700 bedrijven bijna alle bekende autobouwers ter wereld aanwezig zijn, zijn het vooral de Chinese elektrische auto's die de show stelen. Op gigantische beeldschermen spatten strakke reclamefilmpjes van de nieuwste modellen van het scherm. De ene na de andere glimmende auto wordt met bombastische termen als smart driving en digital cockpit geïntroduceerd. Maar het zijn niet zozeer de technologische snufjes die het hem doen: vooral betaalbaar rijden maakt de auto's zo aantrekkelijk. Studies tonen aan dat stijgende brandstofprijzen de vraag naar elektrische auto's aanjagen. Dat tanken duurder is geworden in Europa, merken de automakers. En vooral Chinese merken profiteren dus. BYD, 's werelds grootste maker van elektrische auto's, zag het aantal registraties in Europa vorige maand met 155 procent toenemen. Ook opkomende automerken, zoals Chery en Leapmotor, zagen de afgelopen maanden het aantal verkopen in Europa procentueel flink stijgen. Joint venture Het Chinese succes komt niet uit de lucht vallen. De ambitie van China om een autogrootmacht te worden gaat terug tot de vroege jaren 80, toen het land al een moderne auto-industrie wilde opbouwen, maar nog te weinig kennis en ervaring had. Het voerde een joint-venturemodel in waardoor buitenlandse automerken verplicht werden samen te werken met Chinese bedrijven. Het idee was eenvoudig: de buitenlandse partij bracht technologie, kapitaal en merkwaarde in, terwijl de Chinese partner zorgde voor markttoegang en productie. In begin 1984 sloot Volkswagen als eerste zo'n joint venture. In de jaren daarna volgden zo'n beetje alle grote Duitse automerken. Een Chinese krant omschreef het doel van de nieuwe regel in 1985 als volgt: "De eerste auto importeren we, de tweede auto maken we in China, de derde auto exporteren we". Met andere woorden: nu zijn we afhankelijk, maar op den duur zijn wij degene die auto's voor de wereld zullen maken. Na decennia van stimuleringsmaatregelen van de overheid en innovatie is die droom in het elektrische segment werkelijkheid geworden. Innovatie uit China Vandaag de dag wordt zo'n 70 procent van alle elektrische auto's wereldwijd in China geproduceerd, veel meer dan de binnenlandse markt kan opnemen. Want waar de groei ongeveer overal ter wereld toeneemt, neemt die in China juist af. Alle auto's die de fabrikanten in China niet kwijt kunnen, worden geëxporteerd naar het buitenland. Bovendien komt een groeiend deel van de innovatie in zowel hardware als software uit China. Waar Chinese fabrikanten ooit afhankelijk waren van Duitse technologie, zijn de rollen nu in veel gevallen omgedraaid. Om concurrerend te blijven, zoeken westerse automakers steeds vaker samenwerking met Chinese bedrijven. Toch blijft het prijsverschil aanzienlijk: Chinese elektrische auto's zijn gemiddeld 20 tot 50 procent goedkoper dan vergelijkbare Duitse modellen. Of Duitse fabrikanten erin slagen dit gat tijdig te dichten, is de vraag. Maar één ding is zeker: de Chinese automakers zullen er alles aan doen om de kans die de crisis in het Midden-Oosten ze biedt om meer voet aan de grond in Europa te krijgen ten volle te benutten.

'Elektrisch is de enige weg', maar niet alle autofabrikanten zijn er klaar voor

De elektrische auto is weer in opmars. Na weken van alsmaar stijgende prijzen aan de pomp zien de garagehouders de interesse in elektrische auto's weer flink toenemen. Tegelijkertijd kondigde een flink aantal grote automerken eind vorig jaar aan minder te willen investeren in de ontwikkeling van elektrische auto's. Was dat met de kennis van nu een verstandige beslissing? Het zijn roerige tijden voor autofabrikanten. Door moordende concurrentie, heffingen en tegenvallende verkoopcijfers staan veel fabrikanten voor een grote uitdaging. Ze moeten binnen enkele jaren verduurzamen. Vanaf 2035 mag 90 procent van de nieuw verkochte auto's niet meer op fossiele brandstoffen rijden. "Elektriciteit is nu goedkoper dan brandstof. Het is voor autofabrikanten dan ook de enige weg vooruit. Vooral omdat waterstof ook nog niet van de grond lijkt te komen", zegt Bart van Osch, autodeskundige van accountantskantoor PwC. Toch lijken bedrijven als Volkswagen en Stellantis nog niet klaar te zijn voor deze transformatie. Ze hebben vorig jaar aangekondigd investeringen in nieuwe elektrische auto's uit te stellen of helemaal te schrappen. Ook Amerikaanse autobouwers zoals Ford en General Motors besloten vorig jaar fors minder te investeren. De experts die de NOS sprak, snappen het besluit van deze autofabrikanten wel. De elektrische auto's die in Europa op de markt komen, zijn nog altijd fors duurder. Mensen rijden steeds langer door met hun auto en stellen de koop van een nieuwe auto uit. "Aan de ene kant is het niet slim om EV's af te schalen, aan de andere kant is het ook niet slim auto's te maken die niet worden verkocht", zegt Stijn de Groen, expert auto-industrie bij accountant KPMG. Ook Marieke Kuijpers, expert auto-industrie bij de Rabobank, ziet dat de Europese markt nog niet helemaal klaar is voor de overstap naar elektrische auto's. "In veel Europese landen worden nauwelijks nieuwe elektrische auto's gekocht en dat komt ook omdat de laadcapaciteit in die landen ver achterblijft." In Nederland kun je op veel openbare plekken laden, maar het wordt steeds lastiger om nieuwe laadpalen te plaatsen vanwege het overvolle stroomnet. "Als we nu in Nederland allemaal elektrisch gaan rijden, dan ligt ons stroomnet de komende zes jaar plat", zegt Van Osch. Autofabrikanten zijn zich maar al te bewust van de problemen van de achterblijvende laadinfrastructuur. Elektrisch of toch hybride? Er zijn ook landen in Europa die ver vooroplopen. Van Osch ziet dat in Noorwegen de elektrische auto de markt volledig heeft overgenomen. Door tijdig overschakelen op duurzame energie door de Noorse overheid is de brandstofmotor daar bijna verleden tijd. Het grote dilemma voor de autofabrikant is nu: inspelen op het deel van de Europese markt dat voorlopig niet elektrisch kan rijden of kiezen voor de onvermijdelijke toekomst van de elektrische auto? "Bedrijven als Stellantis en Volkswagen scoren op dit moment goed op de hybride auto's", zegt Kuijpers. "Deze bedrijven hebben best zware jaren gehad. Je moet wel de middelen en het lef hebben om die investering nu te gaan doen. De Europese mentaliteit is misschien iets te conservatief voor deze transformatie." Toekomst Europese auto-industrie Toch zijn de experts gematigd optimistisch over de toekomst van de Europese auto-industrie. "Er zijn automerken, zoals Volvo, BMW en Mercedes, die echt heel hard innoveren en bezig zijn met een nieuwe generatie elektrische auto's", zegt De Groen. Deze nieuwe modellen hebben een veel grotere actieradius en hebben een nieuw soort batterij-ontwerp. Het zijn auto's die zelfs de Chinese modellen nog voor zijn. De Europese auto-industrie zal er in enkele jaren compleet anders uitzien, denken de experts. Veel merken zullen óf verdwijnen óf samengaan. Ook is de verwachting dat een aantal Chinese merken een veel groter aandeel van de markt gaat krijgen. Maar of de hard stijgende brandstofprijzen de katalysator zullen zijn van deze grote verandering, wordt betwijfeld. Volgens een analyse van de Rabobank zal de brandstofprijs zeker nog wel een paar maanden fors hoger zijn. Maar de verwachting is wel dat deze weer zal zakken. Een te korte periode dus om fabrikanten ertoe te verleiden volle bak te investeren in elektrische modellen. "Toch heeft Stellantis de presentatie van de toekomstplannen dit jaar met een paar maanden uitgesteld, dus wie weet", zegt Kuijpers.

Grote verschillen in laadtarieven auto's: 'Kan honderden euro's schelen'

De kosten voor het opladen van elektrische auto's aan openbare laadpalen verschillen sterk per gemeente, dat meldt de ANWB op basis van eigen onderzoek. Verschillen tussen gemeentes zijn soms zo groot dat je als inwoner van de ene gemeente honderden euro’s per jaar meer betaalt dan een paar dorpen verderop. De ANWB baseert het onderzoek op zes miljoen laadsessies van 2025 verspreid over het land. Snellaadstations zijn in het onderzoek niet meegenomen. Gemeenten bepalen zelf onder welke voorwaarden openbare laadpalen geplaatst mogen worden. De uitvoering wordt meestal uitbesteed aan commerciële partijen en vastgelegd in overeenkomsten. Samenwerking tussen gemeentes leidt tot lagere laadkosten Veel gemeenten bundelen de krachten in een zogenoemd ‘concessiegebied’. Zo werken de meeste gemeenten in onze provincie samen, de gemiddelde laadkosten liggen in die gemeentes laag. Een paar gemeenten in Brabant doen niet mee in de samenwerking. De meeste van deze gemeenten springen eruit met veel hogere laadkosten: Dongen: 64 cent per kWh Asten: 62 cent per kWh Waalre: 64 cent per kWh Loon op Zand: 63 cent per kWh Soms wel honderden euro’s verschil in laadkostenAutomobilisten betaalden in 2025 gemiddeld 48 cent per kilowattuur (kWh) bij openbare, langzame laadpalen. Achter dat gemiddelde gaan grote verschillen schuil. Zo bedroeg in Veldhoven het tarief gemiddeld 33 cent per kWh, terwijl in buurgemeente Waalre 65 cent per kWh werd gerekend. Voor een automobilist die jaarlijks 15.000 kilometer rijdt kan dat betekenen dat hij in sommige gemeentes honderden euro’s meer kwijt is aan laadkosten. “Simpelweg afhankelijk van de gemeente waar hij of zij woont”, aldus de ANWB. Gemeenten hebben daarmee een grote invloed op de betaalbaarheid van elektrisch rijden voor hun eigen inwoners. Ook omdat consumenten die zijn aangewezen op publieke laadpalen vaak geen alternatief hebben. “Lage en uniforme tarieven maken de overstap naar een elektrische auto sneller rendabel en aantrekkelijk.”