Claas Jaguar 1200 maaidorser in maïsveld
Beeld: Ferre / TractorFan

Franse maisoogst bijna gehalveerd na droge zomer

De Franse maisoogst is dit jaar bijna gehalveerd door droogte en hitte, terwijl het Amerikaanse aanbod groeit.

Door Tinus Guichelaar

De Franse maisoogst is dit jaar bijna gehalveerd. De Franse statistiekdienst Agreste voorspelt fors lagere opbrengsten van akkerbouwgewassen, vooral door de langdurige droogte en hitte. Naast de weersomstandigheden zorgt ook een krimp van het geteelde areaal voor lagere totaalopbrengsten.

De tegenvallende Franse oogst speelt in op de Europese maïsmarkt, die kampt met fors lagere opbrengsten. Volgens ABZ Diervoeding is de import van maïs uit de Verenigde Staten en Oekraïne tot en met eind september sterk toegenomen.

De Amerikaanse aanvoer steeg van 535.000 ton in 2025 naar 2,07 miljoen ton dit jaar. De Oekraïense import nam toe van 700.000 naar 1,45 miljoen ton. Daartegenover daalde de Braziliaanse aanvoer van 2,1 naar 1,2 miljoen ton. Nieuwe Amerikaanse oogstramingen kunnen de prijzen op korte termijn weer verder in beweging brengen.

Bronnen

H2L Robotics Selector225 op AgroTechniek en GroenTechniek 2026
Beeld: Ingezonden foto / TractorFan

Zonder betere vergoeding voor boeren stokt de verduurzaming

Boeren en tuinders verdienen de extra kosten van verduurzaming lang niet altijd terug. Vooral biologische bedrijven hebben moeite om hun hogere productiekosten te compenseren. Dat blijkt uit de vijfde Agro-Nutri Monitor, die Wageningen Social & Economic Research heeft uitgevoerd in opdracht van de Autoriteit Consument & Markt (ACM). LTO Nederland ziet in de uitkomsten een bevestiging dat verdere verduurzaming alleen mogelijk is met een gezond verdienmodel.

Door Tinus Guichelaar

Voor het onderzoek zijn de prijzen, kosten en winstmarges van aardappelen, appels, tomaten, melk, varkensvlees en vollegrondsgroenten onderzocht. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen reguliere producten, biologische producten en producten met duurzaamheidskeurmerken zoals Beter Leven en On the way to PlanetProof. De financiële resultaten hebben voornamelijk betrekking op 2024.

Biologische landbouw onder druk

De onderzoekers constateren dat biologische boeren gemiddeld onvoldoende verdienen om alle kosten, inclusief een vergoeding voor hun eigen arbeid en vermogen, te dekken. Hoewel de kasstroom doorgaans positief is, blijft de rentabiliteit achter bij die van reguliere bedrijven.

Dat komt onder meer door lagere opbrengsten per hectare of per dier, hogere productierisico's en de relatief kleine omvang van biologische bedrijven. Biologische producten zijn in de supermarkt gemiddeld 20 tot 25 procent duurder dan niet-biologische alternatieven. Bij varkensvlees loopt dat verschil op tot ongeveer 60 procent, waardoor de vraag achterblijft.

Bij andere duurzaamheidskeurmerken is het beeld gunstiger. Melkveehouders en varkenshouders die volgens aanvullende duurzaamheidseisen produceren, behalen gemiddeld zelfs een beter rendement dan reguliere bedrijven. Dat komt mede doordat er afspraken bestaan over de vergoeding van extra kosten. Toch zijn de verschillen tussen individuele bedrijven groot en krijgt niet iedere ondernemer zijn meerkosten volledig terug.

Duurzaamheidsvergoeding bereikt boer niet altijd

Volgens de onderzoekers is vooral bij groenten en fruit onduidelijk of vergoedingen voor duurzaamheidsinspanningen daadwerkelijk bij de producent terechtkomen. De voedselketen kent meerdere schakels en de extra vergoeding wordt niet altijd afzonderlijk geregistreerd.

Ook brengt verduurzaming extra risico's met zich mee. Beperkingen op gewasbeschermingsmiddelen kunnen leiden tot lagere opbrengsten of afgekeurde producten. Daarnaast ervaren boeren de hoge kosten van certificering, administratie en controles terecht als belemmeringen.

De monitor laat verder zien dat Nederlandse producten met aanvullende duurzaamheidskeurmerken in het buitenland niet vanzelfsprekend een hogere prijs opleveren. Producten worden daar regelmatig als reguliere producten verkocht, zonder vergoeding voor de extra inspanningen.

LTO wil gezamenlijke verantwoordelijkheid

LTO Nederland herkent de conclusies en waarschuwt dat de duurzaamheidsdoelstellingen voor 2030 uit zicht raken als aanvullende maatregelen uitblijven. Volgens de belangenorganisatie kan de rekening voor verduurzaming niet uitsluitend bij boeren en tuinders worden neergelegd.

LTO pleit voor een sterkere onderhandelingspositie van boeren in de voedselketen, meer investeringen in innovatie, digitalisering en robotisering en publieke ondersteuning voor maatschappelijke prestaties die niet door de markt worden betaald.

Daarbij wijst de organisatie op het belang van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Ook moet volgens LTO worden voorkomen dat Nederlandse boeren moeten concurreren met geïmporteerde producten die niet aan vergelijkbare eisen voor duurzaamheid, dierenwelzijn en voedselveiligheid voldoen.

Een algemene verhoging van consumentenprijzen is volgens LTO niet vanzelfsprekend de oplossing. De organisatie vindt dat overheid, supermarkten, verwerkende industrie en andere ketenpartijen gezamenlijk moeten bijdragen aan de financiering van verduurzaming.

De uitkomsten van de Agro-Nutri Monitor laten daarmee een uiteenlopend beeld zien: verduurzaming kan voor boeren financieel aantrekkelijk zijn wanneer goede prijsafspraken bestaan, maar zonder voldoende vergoeding en beheersing van de risico's blijft verdere omschakeling voor veel bedrijven moeilijk.

Bron

Discussie op Prikkebord

Nog geen reacties. Wat vind jij hiervan? Deel je ervaring of stel een vraag.

Strijd tegen droogte en muizenplagen
Beeld: Oane Jorrit / TractorFan

Muizenplaag vreet weilanden kaal, boeren zetten land onder water

Een extreme muizenplaag veroorzaakt massale schade aan graslanden in Nederland, waarop boeren hun percelen onder water zetten als noodmaatregel.

Door Tinus Guichelaar

Weilanden in Nederland vertonen grote bruine, kale vlekken door een extreme muizenplaag. Oorzaak is de droogte, die ervoor zorgt dat muizenpopulaties explosief groeien en het gras volledig afvreten.

Boeren zetten hun percelen onder water als noodmaatregel om de dieren te verdrijven of te verdrinken. Deze drastische ingreep helpt enigszins, maar kan de schade niet voorkomen. De economische gevolgen voor melkveebedrijven zijn groot: op sommige plekken loopt de kostenmeerpost al in de tonnen. Boeren beschouwen dit als ondernemersrisico, maar voelen zich er desondanks zwaar door getroffen.