Nieuwsgrazer
Abonneren
Alleen in deze browser bewaard. Log in om je startpagina overal te hebben.
Witte kool oogst
Beeld: Gerben / TractorFan

Eerste jaar biologische teelt levert Kramer fors verlies op

Het landbouwbedrijf van G. Kramer & Zn. heeft het eerste jaar volgens biologische werkwijzen geteeld. Toch leed het bedrijf op de landbouw een fors verlies. Directeur Dirk Kramer noemt een lagere koolopbrengst, hogere kosten en het ontbreken van een mestbassin als belangrijkste oorzaken. Dat schrijft hij op LinkedIn.

Door Co Scholten Bijgewerkt

Het bedrijf kondigde vorig jaar aan volledig over te stappen op biologische teelt. Die stap is volgens Kramer gelukt, maar kost ook geld. Hoe groot het verlies is, vermeldt hij niet.

Minder kool geoogst

De oogst viel tegen, ook in vergelijking met andere biologische kooltelers. Volgens Kramer komt dat vooral door onvoldoende ervaring met bemesting. Kool heeft veel stikstof nodig om goed te groeien.

De benodigde biologische mest was volgens hem niet op het juiste moment beschikbaar. Het bedrijf had daarom in de winter al mest moeten opslaan. Maar daarvoor ontbreekt een mestbassin.

Daarnaast waren de kosten hoger dan verwacht. Dat gold voor de bemesting, maar ook voor de aanschaf van machines en andere spullen om onkruid te bestrijden.

Wel extra kosten, nog geen hogere prijs

Volgens Kramer kan het bedrijf de producten tijdens de eerste twee omschakeljaren nog niet tegen de hogere biologische prijs verkopen. Daardoor staan tegenover de extra kosten nog geen hogere verkoopprijzen.

Het bedrijf paste al vijf jaar methoden toe om de bodem te verbeteren. De verdere aanpassingen in de teelt moeten vooral op langere termijn voordeel opleveren.

Bedrijf wil mestbassin

Een mestbassin moet helpen om mest op tijd beschikbaar te hebben. Kramer verwacht daarmee meer kilo’s kool te kunnen oogsten en de kosten te verlagen. Volgens hem reageerde de gemeente Dijk en Waard in eerste instantie afwijzend op het plan.

Ondanks het verlies houdt het familiebedrijf vast aan de gekozen richting. Volgens Kramer is er binnen het bedrijf steun om door te gaan en naar de lange termijn te kijken.

Bron

H2L Robotics Selector225 op AgroTechniek en GroenTechniek 2026
Beeld: Ingezonden foto / TractorFan

Zonder betere vergoeding voor boeren stokt de verduurzaming

Boeren en tuinders verdienen de extra kosten van verduurzaming lang niet altijd terug. Vooral biologische bedrijven hebben moeite om hun hogere productiekosten te compenseren. Dat blijkt uit de vijfde Agro-Nutri Monitor, die Wageningen Social & Economic Research heeft uitgevoerd in opdracht van de Autoriteit Consument & Markt (ACM). LTO Nederland ziet in de uitkomsten een bevestiging dat verdere verduurzaming alleen mogelijk is met een gezond verdienmodel.

Door Tinus Guichelaar

Voor het onderzoek zijn de prijzen, kosten en winstmarges van aardappelen, appels, tomaten, melk, varkensvlees en vollegrondsgroenten onderzocht. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen reguliere producten, biologische producten en producten met duurzaamheidskeurmerken zoals Beter Leven en On the way to PlanetProof. De financiële resultaten hebben voornamelijk betrekking op 2024.

Biologische landbouw onder druk

De onderzoekers constateren dat biologische boeren gemiddeld onvoldoende verdienen om alle kosten, inclusief een vergoeding voor hun eigen arbeid en vermogen, te dekken. Hoewel de kasstroom doorgaans positief is, blijft de rentabiliteit achter bij die van reguliere bedrijven.

Dat komt onder meer door lagere opbrengsten per hectare of per dier, hogere productierisico's en de relatief kleine omvang van biologische bedrijven. Biologische producten zijn in de supermarkt gemiddeld 20 tot 25 procent duurder dan niet-biologische alternatieven. Bij varkensvlees loopt dat verschil op tot ongeveer 60 procent, waardoor de vraag achterblijft.

Bij andere duurzaamheidskeurmerken is het beeld gunstiger. Melkveehouders en varkenshouders die volgens aanvullende duurzaamheidseisen produceren, behalen gemiddeld zelfs een beter rendement dan reguliere bedrijven. Dat komt mede doordat er afspraken bestaan over de vergoeding van extra kosten. Toch zijn de verschillen tussen individuele bedrijven groot en krijgt niet iedere ondernemer zijn meerkosten volledig terug.

Duurzaamheidsvergoeding bereikt boer niet altijd

Volgens de onderzoekers is vooral bij groenten en fruit onduidelijk of vergoedingen voor duurzaamheidsinspanningen daadwerkelijk bij de producent terechtkomen. De voedselketen kent meerdere schakels en de extra vergoeding wordt niet altijd afzonderlijk geregistreerd.

Ook brengt verduurzaming extra risico's met zich mee. Beperkingen op gewasbeschermingsmiddelen kunnen leiden tot lagere opbrengsten of afgekeurde producten. Daarnaast ervaren boeren de hoge kosten van certificering, administratie en controles terecht als belemmeringen.

De monitor laat verder zien dat Nederlandse producten met aanvullende duurzaamheidskeurmerken in het buitenland niet vanzelfsprekend een hogere prijs opleveren. Producten worden daar regelmatig als reguliere producten verkocht, zonder vergoeding voor de extra inspanningen.

LTO wil gezamenlijke verantwoordelijkheid

LTO Nederland herkent de conclusies en waarschuwt dat de duurzaamheidsdoelstellingen voor 2030 uit zicht raken als aanvullende maatregelen uitblijven. Volgens de belangenorganisatie kan de rekening voor verduurzaming niet uitsluitend bij boeren en tuinders worden neergelegd.

LTO pleit voor een sterkere onderhandelingspositie van boeren in de voedselketen, meer investeringen in innovatie, digitalisering en robotisering en publieke ondersteuning voor maatschappelijke prestaties die niet door de markt worden betaald.

Daarbij wijst de organisatie op het belang van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Ook moet volgens LTO worden voorkomen dat Nederlandse boeren moeten concurreren met geïmporteerde producten die niet aan vergelijkbare eisen voor duurzaamheid, dierenwelzijn en voedselveiligheid voldoen.

Een algemene verhoging van consumentenprijzen is volgens LTO niet vanzelfsprekend de oplossing. De organisatie vindt dat overheid, supermarkten, verwerkende industrie en andere ketenpartijen gezamenlijk moeten bijdragen aan de financiering van verduurzaming.

De uitkomsten van de Agro-Nutri Monitor laten daarmee een uiteenlopend beeld zien: verduurzaming kan voor boeren financieel aantrekkelijk zijn wanneer goede prijsafspraken bestaan, maar zonder voldoende vergoeding en beheersing van de risico's blijft verdere omschakeling voor veel bedrijven moeilijk.

Bron

Discussie op Prikkebord

Nog geen reacties. Wat vind jij hiervan? Deel je ervaring of stel een vraag.