Nieuwsgrazer
Abonneren
Alleen in deze browser bewaard. Log in om je startpagina overal te hebben.
Kees de Groot en Wilry Giesen delen hun ervaringen op het Agro Innovatie Event bij Nedap in Groenlo
Beeld: Smartdrip

Smartdrip zet stap van proefveld naar eerste commerciële toepassing

Smartdrip wordt na vijf jaar ontwikkelen en testen voor het eerst commercieel toegepast. Bij Wilry Giesen in Beek krijgt zeven hectare grasland druppelslangen op ongeveer 20 centimeter diepte. Die voorzien het gras gericht van water en kunnen meerdere jaren blijven liggen. Giesen verwacht hiermee op zijn droge zandgrond voldoende eiwitrijk gras te kunnen telen voor zijn biologische bedrijf. Smartdrip wil volgend jaar uitbreiden naar 30 tot 40 hectare, als de financiering en subsidie rondkomen.

Door Co Scholten Bijgewerkt

Kees de Groot en Wilry Giesen delen hun ervaringen op het Agro Innovatie Event bij Nedap in Groenlo.

Na vijf jaar ontwikkelen, onderzoeken en testen wordt Smartdrip voor het eerst commercieel toegepast op praktijkschaal. Bij agrarisch ondernemer Wilry Giesen in Beek wordt zeven hectare grasland voorzien van ondergrondse druppelslangen voor de gerichte toevoer van water. Op 25 november vertellen Kees de Groot (mede-eigenaar Smartdrip) en Wilry Giesen (agrarisch ondernemer) tijdens het Agro Innovatie Event bij Nedap in Groenlo samen over deze stap van proefveld naar praktijk.

De ontwikkeling van Smartdrip begon in 2021 vanuit het Melkvee Innovatie Centrum in Laren. In de jaren daarna werd de techniek verder ontwikkeld en getest. In 2024 werd een proefveld ingericht waarbij water en voedingsstoffen via ondergrondse druppelslangen werden toegediend. Een jaar later volgde onderzoek samen met Wageningen University & Research.

“Toen de resultaten in 2025 werden bevestigd, was voor ons het moment gekomen om door te pakken”, vertelt Kees de Groot, die samen met Erik Reefhuis eigenaar is van Smartdrip. “Je kunt blijven onderzoeken, maar uiteindelijk moet je ook kijken of het in de praktijk werkt.”

Eerste zeven hectare in de praktijk

Die praktijkfase begint nu bij agrarisch ondernemer Wilry Giesen in Beek. Op ongeveer zeven hectare worden de druppelslangen op circa 20 centimeter diepte aangelegd. Het is de eerste keer dat een agrarisch ondernemer het systeem op deze schaal zonder proefopzet als onderdeel van zijn bedrijfsvoering gaat gebruiken.

Voor Wilry komt die keuze niet uit de lucht vallen. Op hetzelfde perceel teelde hij eerder mais met druppelslangen die ieder voorjaar werden aangelegd en in het najaar weer verwijderd. Op deze droge zandgrond zag hij wat voldoende water met de opbrengst deed. “Het nut heeft zich voor mij eigenlijk al bewezen.”

Nu Wilry omschakelt naar biologisch verbouwt hij zelf geen mais meer en wil hij zoveel mogelijk gras telen. “Juist op deze droogtegevoelige grond is voldoende water daarbij belangrijk.” De nieuwe druppelslangen komen dieper in de grond te liggen en kunnen daar meerdere jaren blijven liggen. Dat scheelt ieder jaar opnieuw aanleggen en verwijderen.

Wilry ziet de investering daarom niet als een sprong in het diepe. “Voor mij is dit nu al een goede investering. Op deze grond en binnen onze biologische bedrijfsvoering verwacht ik dat het snel uit kan. Goed gras met voldoende eiwit is voor ons belangrijk. Op onze kleigrond thuis zou dat weer een ander verhaal zijn.”

Na deze eerste commerciële toepassing in Beek wil Smart Drip opschalen. Voor volgend jaar staat, mits de financiering en subsidie rondkomen, 30-40 ha op de planning.

Soms begint innovatie met de juiste verbinding

De Innovatie Coöperatie heeft geen rol gespeeld in de ontwikkeling van Smartdrip. Ze bracht via haar AI ontwikkelgroep twee partijen bij elkaar die nu samenwerken. Smartdrip mede-eigenaar Erik Reefhuis ontmoette daar Pieter Hoenderken, die met zijn ICT bedrijf inmiddels werkt aan het dataplatform voor de sensordata waarmee Smartdrip wordt aangestuurd.

“Onze rol bij Smartdrip is heel bescheiden geweest”, vertelt innovatiemakelaar Carel de Vries. “Maar dit vind ik wel een mooi voorbeeld van wat we als De Innovatie Coöperatie doen: mensen met verschillende kennis bij elkaar brengen en kijken wat daaruit kan ontstaan. Soms is één goede verbinding al genoeg om een innovatie weer een stap verder te helpen.”

Smartdrip op het Agro Innovatie Event

Op woensdagavond 25 november staan Kees de Groot en Wilry Giesen samen op het podium tijdens het Agro Innovatie Event bij Nedap in Groenlo. Kees vertelt over de ontwikkeling van Smartdrip en de stap van jaren testen naar de eerste commerciële toepassing. Wilry deelt waarom hij als agrarisch ondernemer juist nu voor het systeem kiest en wat hij ervan verwacht binnen zijn biologische bedrijfsvoering.

Zo komen op het podium zowel de ontwikkeling van de innovatie, als de keuze van de ondernemer die ermee aan de slag gaat samen.

Discussie op Prikkebord

Nog geen reacties. Wat vind jij hiervan? Deel je ervaring of stel een vraag.

Discussie op TractorFan

Nog geen reacties. Wat vind jij hiervan? Deel je ervaring of stel een vraag.

LTO-voorzitter Ger Koopmans: 'Stikstofregels van tafel vegen lost niets op'

LTO-voorzitter Ger Koopmans wil dat de overheid snel duidelijkheid geeft over het stikstofbeleid. Volgens hem zitten veel boeren in grote onzekerheid over hun vergunning. Hij begrijpt de boosheid over de plannen van het kabinet, maar vindt het onverstandig om alle plannen van tafel te vegen. LTO kiest daarom voor overleg en probeert de regels aan te passen.

Door Co Scholten Bijgewerkt

Koopmans vertelde dit tijdens een ledenbijeenkomst in Hollands Kroon (NH). Volgens hem heeft LTO sinds juni samen met de regionale organisaties al meer dan 6.000 mensen gesproken tijdens ruim twintig bijeenkomsten.

Koopmans vertelde dit tijdens een ledenbijeenkomst in Hollands Kroon (NH)

Veel boeren onzeker over vergunning

Volgens Koopmans heeft meer dan de helft van de veehouders die lid zijn van LTO te maken met onzekerheid over hun vergunning. Het gaat onder andere om PAS-melders, bedrijven die intern hebben gesaldeerd en boeren die een verzoek tot handhaving hebben ontvangen.

Hij waarschuwt dat ook boeren verder van natuurgebieden problemen kunnen krijgen. Als voorbeeld noemt hij een Brabantse veehouder op 3,5 kilometer afstand van een natuurgebied. Die wil zijn uitstoot met 90 procent verminderen, maar dreigt volgens Koopmans toch zijn vergunning kwijt te raken.

"Wij kunnen die vijf niet in de steek laten", zegt Koopmans over de Brabantse bedrijven die hun vergunning dreigen te verliezen.

Stikstof verminderen én vergunningen mogelijk maken

LTO heeft samen met provincies, gemeenten, waterschappen en het NAJK een plan met bouwstenen gemaakt. De kern daarvan is dat de uitstoot van stikstof moet dalen, maar dat boeren tegelijkertijd weer vergunningen moeten kunnen krijgen.

Koopmans vindt dat de bestaande stikstofwet te veel uitgaat van de neerslag van stikstof op natuurgebieden. Hij wil overstappen naar beleid dat kijkt naar de werkelijke uitstoot.

Volgens hem is het niet voldoende om alleen nieuwe doelen vast te leggen. Boeren moeten ook weten hoe zij die doelen kunnen halen en welke investeringen daarvoor nodig zijn.

Grote bezwaren tegen plannen van kabinet

Koopmans noemt drie belangrijke problemen in de stikstofbrief van 26 juni: de stapeling van maatregelen, de voorgestelde grondgebondenheid en de extra regels voor bedrijven rond natuurgebieden.

Vooral de combinatie van verschillende verplichtingen baart LTO zorgen. Boeren krijgen volgens Koopmans te maken met eisen voor stikstof, klimaat en grondgebondenheid tegelijk.

Ook vindt LTO dat het kabinet onvoldoende rekening houdt met verschillen tussen bedrijven en gebieden. Koopmans wil dat provincies meer ruimte krijgen om zelf passende maatregelen te bepalen.

Discussie over de norm van 0,164

Een belangrijk onderwerp tijdens de bijeenkomst was de voorgestelde ammoniaknorm van 0,164 kilogram per fosfaatrecht voor de melkveehouderij.

Koopmans begrijpt de zorgen hierover. Volgens hem is het belangrijk dat boeren meer mogelijkheden krijgen om hun uitstoot te verminderen. Hij noemt onder andere aanpassingen aan stallen, voermaatregelen, bestaande emissiearme vloeren en weidegang.

Ook investeringen die boeren eerder hebben gedaan, moeten volgens hem kunnen meetellen. Sommige emissiearme vloeren halen niet de beloofde vermindering, maar leveren volgens Koopmans nog altijd een bijdrage.

LTO onderhandelt bovendien nog over de hoogte en uitwerking van de norm.

LTO wil direct een hogere rekenkundige ondergrens

Een belangrijk verzoek van LTO is om de rekenkundige ondergrens voor stikstofberekeningen snel te verhogen. Koopmans wil niet wachten op nieuwe onderzoeken of een invoering in stappen.

Hij verwijst naar berekeningen van de provincie Noord-Holland. Volgens hem zouden 124 van de 128 PAS-melders in de provincie hiermee geholpen kunnen worden. Ook zou een groot deel van de bouwprojecten hiervan kunnen profiteren.

Wel moet volgens LTO goed worden geregeld welke bestaande bedrijfssituatie als uitgangspunt geldt bij toekomstige vergunningaanvragen.

Geen algemene korting op veestapel

Koopmans verzet zich tegen een algemene korting op het aantal dieren of fosfaatrechten.

Hij wil dat boeren zelf kunnen kiezen hoe zij de verplichte uitstootvermindering bereiken. Alleen bedrijven die na voldoende tijd niet aan de eisen voldoen, zouden volgens hem individueel aangepakt moeten kunnen worden.

Ook vraagt hij om duidelijkheid over subsidies. Boeren moeten vooraf weten hoeveel financiële steun zij kunnen krijgen wanneer zij investeren in nieuwe technieken.

Verschil van mening met andere boerenorganisaties

Tijdens de bijeenkomst kwamen ook vragen over de samenwerking tussen LTO en andere boerenorganisaties, waaronder Agractie, NMV, DDB en Farmers Defence Force.

Koopmans zegt dat er veel overeenkomsten zijn, maar ook een belangrijk verschil. LTO vindt dat de vermindering van stikstofuitstoot juridisch moet worden vastgelegd. Zonder die zekerheid verwacht hij dat rechters nieuwe vergunningen blijven blokkeren.

Hij benadrukt dat LTO regelmatig contact heeft met andere organisaties en dat onderlinge verschillen niet automatisch betekenen dat er ruzie is.

Ook Brussel moet regels aanpassen

LTO probeert volgens Koopmans niet alleen in Den Haag veranderingen te bereiken, maar ook in Brussel. Via de Europese boerenorganisatie Copa-Cogeca pleit LTO voor aanpassingen aan de Europese regels voor natuur en mest.

Volgens Koopmans moeten Europese regels beter aansluiten op de praktijk van landbouwbedrijven.

Koopmans kiest voor overleg

De boodschap van Koopmans is dat de landbouw niet kan blijven wachten op een volledig nieuw stikstofbeleid. De juridische problemen zijn volgens hem daarvoor te groot.

LTO blijft daarom in gesprek met het kabinet en politieke partijen. Daarbij wil de organisatie bereiken dat boeren meer mogelijkheden krijgen om hun uitstoot te verminderen, voldoende financiële ondersteuning ontvangen en weer zekerheid krijgen over hun vergunning.

Koopmans benadrukt dat alleen protesteren of het weggooien van de stikstofplannen de problemen niet oplost. Volgens hem moet er een oplossing komen die zowel voor boeren als voor de rechter standhoudt.

Discussie op Prikkebord

30 reacties
  • W

    wanabee duitser ·

    @hans1980 bufferstroken van 250m vanaf hard beek en dan aan weerszijde dat worden dan 500 meter buffer

  • B

    BertK ·

    Wat ik mij afvraag, sinds jaren '90 is stikstofdepositie gehalveerd, een vermindering van 20kg N zuiver. Een deel van de natuur in N2000 waardeert stikstof…

  • H

    hans-hans ·

    @Grasbaal een korte samenvatting van Floor , is toch , dat het gewoon onwil en een soort boertje pesten is , het pesten houd niet zomaar op , en voor…

Discussie op Boeren NL

Nog geen reacties. Wat vind jij hiervan? Deel je ervaring of stel een vraag.