Nieuwsgrazer
Abonneren
Alleen in deze browser bewaard. Log in om je startpagina overal te hebben.
Freshly displayed cuts of meat in a local butcher shop at midday - Inside a butcher shop, various cuts of meat hang from hooks in glass display cases. The bright lighting highlights the freshness of the products, attracting customers.
Beeld: Eric Prouzet / Unsplash

PvdD dient wéér een voorstel in om onverdoofd slachten te verbieden

Na vijftien jaar discussie probeert de Partij voor de Dieren opnieuw een verbod op onverdoofd slachten door de Tweede Kamer te krijgen. Ditmaal richt het wetsvoorstel zich niet alleen op rituele slacht, maar ook op gangbare slachtmethoden. Vanuit religieuze gemeenschappen en de veehouderij klinkt kritiek op de gevolgen.

Door Tinus Guichelaar Bijgewerkt

De Partij voor de Dieren probeert al sinds 2011 een einde te maken aan onverdoofd slachten. Destijds stemden 116 Tweede Kamerleden voor een verbod, maar strandde het voorstel in de Eerste Kamer vanwege bezwaren rond de godsdienstvrijheid.

Inmiddels is de juridische situatie veranderd. De Raad van State oordeelde in oktober 2025 overwegend positief over een nieuw wetsvoorstel. Volgens het adviesorgaan biedt Europese rechtspraak meer ruimte om dierenwelzijn zwaarder te laten wegen dan godsdienstvrijheid. Een verbod is daarmee onder bepaalde voorwaarden juridisch mogelijk.

Ook reguliere slacht onder vuur

Het voorstel van Esther Ouwehand gaat verder dan alleen halal en koosjer slachten. Ook CO2-bedwelming bij varkens en elektrische waterbaden bij pluimvee moeten verdwijnen. Daarnaast wil de partij voorkomen dat kippen, eenden en kalkoenen bij bewustzijn vanuit transportkratten op lopende banden worden gekanteld.

Daarmee raakt het voorstel ook reguliere slachterijen, die voor andere bedwelmingsmethoden moeten kiezen.

Kritiek vanuit geloofsgemeenschappen

Religieuze organisaties plaatsen vraagtekens bij de manier waarop dierenwelzijn wordt afgewogen. In een opiniestuk in Trouw wijzen rabbijn Albert Ringer en Melek Erdogan erop dat ook bestaande industriële slachtmethoden pijn en stress kunnen veroorzaken.

Volgens hen wordt onvoldoende erkend dat religieuze slachtvoorschriften eveneens gericht zijn op zorgvuldig omgaan met dieren. Ze vrezen bovendien dat een verbod vooral joodse en islamitische gemeenschappen treft.

Tegenstanders wijzen daarnaast op de economische gevolgen voor gespecialiseerde slachterijen. Nieuwe investeringen en aangepaste werkwijzen kunnen de kosten verhogen, terwijl consumenten mogelijk meer gaan betalen voor ritueel geslacht vlees.

Schapenhouders vrezen onbedoelde gevolgen

Een ander onderdeel van het voorstel verbiedt het verhandelen van zoogdieren voor de slacht vanaf 40 procent van de draagtijd.

De Nederlandse Schapen- en Geitenfokkers Organisatie (NSFO) betwijfelt of deze grens praktisch uitvoerbaar is. Bij schapen is een vroege dracht niet altijd betrouwbaar vast te stellen. Bovendien vreest de organisatie dat schapenhouders hun bedrijfsvoering moeten aanpassen, bijvoorbeeld door rammen en ooien vaker gescheiden te houden.

Ook waarschuwt de sector voor een ongelijk speelveld. Het voorstel beperkt de import van vlees uit landen waar andere slachtregels gelden namelijk niet.

Nog geen verbod

Hoewel er in de Tweede Kamer steun lijkt te bestaan voor een verbod op onverdoofd slachten, staat niet vast dat het volledige wetsvoorstel een meerderheid krijgt.

De Raad van State heeft bovendien om een betere onderbouwing van de uitvoerbaarheid van de drachtigheidsgrens gevraagd.

De discussie draait daarmee niet alleen om de vraag of onverdoofd slachten verboden moet worden, maar ook om de gevolgen voor slachterijen, veehouders en geloofsgemeenschappen. Na vijftien jaar politiek debat is een definitief besluit nog altijd niet genomen.