Nieuwsgrazer
Abonneren
Alleen in deze browser bewaard. Log in om je startpagina overal te hebben.
Hakblok
De veehouderij ligt nu zelf op het hakblok Beeld: AIDEPCUL / Wikimedia Commons

Overheid wil 1 op de 3 boerenbedrijven opofferen, zonder de stikstofdoelen te halen

Tot 30 procent van de Nederlandse veehouderijen dreigt te verdwijnen als gevolg van de stikstofplannen van het kabinet-Jetten. Dat blijkt uit onderzoek van Wageningen University & Research (WUR), uitgevoerd in opdracht van de overheid. Daar staat tegenover dat zelfs bij volledige uitvoering van de plannen het stikstofprobleem niet wordt opgelost. Volgens het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) blijft het overgrote deel van de kwetsbare natuurgebieden in 2035 op papier overbelast.

Door Tinus Guichelaar Bijgewerkt

De Wageningse onderzoekers verwachten dat 10 tot 30 procent van de veehouders op termijn besluit het bedrijf te beëindigen vanwege de nieuwe maatregelen. De investeringen die nodig zijn om aan de strengere eisen te voldoen, zijn voor veel ondernemers financieel niet haalbaar. Dat geldt zelfs wanneer zij gebruikmaken van de beschikbare subsidies.

Vooral middelgrote familiebedrijven komen hierdoor onder zware druk te staan. Grotere bedrijven hebben vaak meer financiële mogelijkheden om te investeren, terwijl kleinere bedrijven soms al extensiever werken of aanvullende inkomsten hebben.

Het gevolg is dat het stikstofbeleid de schaalvergroting in de veehouderij verder aanjaagt. Er komen minder boerenbedrijven, maar de bedrijven die overblijven worden gemiddeld groter.

De stikstofdoelen worden sowieso niet gehaald

Opvallend is dat deze ingrijpende herstructurering van de landbouw niet betekent dat Nederland daarmee van het stikstofslot komt.

Het PBL concludeerde in september dat de kabinetsplannen weliswaar tot een forse vermindering van de stikstofuitstoot leiden, maar onvoldoende zijn om de overbelasting van kwetsbare natuur volledig weg te nemen.

Zelfs als het kabinet zijn emissiedoelen haalt, zouden in 2035 slechts 14 van de ongeveer 120 stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden niet langer overbelast zijn. In de overige gebieden blijft de stikstofbelasting boven de kritische grens, al neemt de overbelasting wel iets af.

Slechts 5 procent voldoet al aan de eisen

Uit een steekproef onder melkveehouders blijkt dat momenteel slechts 5 procent van de bedrijven al aan de toekomstige eisen van het kabinet voldoet. Voor de overige bedrijven zijn aanpassingen noodzakelijk.

Daarvoor is geld nodig. Veel geld. Het kabinet heeft ongeveer 20 miljard euro beschikbaar voor regelingen en subsidies waarmee veehouders kunnen verduurzamen, omschakelen of stoppen.

De gevolgen voor de nationale economie blijven volgens Wageningen relatief beperkt. De toegevoegde waarde van het totale agrocomplex zou met maximaal 4 procent dalen en de werkgelegenheid met maximaal 5 procent.

Maar achter deze percentages gaan duizenden boerenfamilies schuil die voor de keuze staan om fors te investeren, hun bedrijf ingrijpend te veranderen of definitief te stoppen.

Minder boeren, maar nog steeds onzekerheid

Daar komt bij dat de vergunningverlening nog altijd niet is opgelost. PAS-melders en interimmers wachten op juridische zekerheid, terwijl ook andere ondernemers niet weten welke investeringen hun bedrijf daadwerkelijk toekomstbestendig maken.

Wageningen waarschuwt dat deze onzekerheid investeringen in emissiereductie juist kan afremmen.

Het kabinet kiest ondertussen voor een beleid dat grote gevolgen heeft voor de structuur van de Nederlandse landbouw, zonder dat vaststaat wanneer de beloofde ruimte voor vergunningverlening daadwerkelijk ontstaat.

Deel dit artikel

Discussie op Prikkebord

3 reacties
Lely Astronaut melkrobot
Deze melker is er ook altijd om 06:00. Beeld: Anoek2012 / Wikimedia Commons

Willen boeren permanent wintertijd? "Koeien hebben geen klok"

Komend weekend gaat de klok weer een uur terug. Voor veel Nederlanders betekent dat een uurtje langer slapen, maar op veehouderijbedrijven kan de overgang naar de wintertijd juist extra werk opleveren. Koeien, geiten en kippen houden zich immers niet aan de klok, maar aan hun vaste ritme. Vooral melkveehouders die op vaste tijden melken, moeten rekening houden met de omschakeling.

Door Tinus Guichelaar Bijgewerkt

In de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 oktober gaat om 03.00 uur de klok terug naar 02.00 uur. Voor veehouders betekent dat soms dat het dagelijkse werkschema moet worden aangepast. Dieren zijn gewend aan vaste momenten voor voeren en melken. Een plotselinge verschuiving van een uur kan onrust veroorzaken.

Uit een eerdere peiling van Nieuwe Oogst (2018) onder 1.500 agrariërs bleek dat boeren verdeeld zijn over de zomer- en wintertijd. Vooral het tweemaal per jaar verzetten van de klok wordt als hinderlijk ervaren. Sommige melkveehouders meldden destijds zelfs tijdelijk een lagere melkproductie.

Groot voordeel van melkrobots

Er bestaat wel een belangrijk verschil tussen melkveehouders die traditioneel melken en bedrijven met melkrobots.

Wie trouw elke dag om zes uur 's morgens melkt, verschijnt na de overgang naar de wintertijd volgens de biologische klok van de koeien ineens een uur te laat op het strijdtoneel. Daarom kiezen veel melkveehouders ervoor de melktijden gedurende enkele dagen geleidelijk te verschuiven. Zo kunnen de dieren wennen aan het nieuwe ritme.

Bij bedrijven met melkrobots speelt dit probleem nauwelijks. De koeien bepalen daar grotendeels zelf wanneer ze gemolken worden. Afgezien van het feit dat een koe op een 25-urige dag meer melk lijkt te hebben geleverd, veranderd er niets.

Ook kippen kunnen geen klok kijken

Niet alleen melkkoeien zijn gevoelig voor veranderingen in hun dagelijkse routine. Ook in de pluimveehouderij spelen vaste tijdstippen een belangrijke rol.

Verlichting, voeren en andere stalprocessen worden vaak automatisch geregeld. Pluimveehouders moeten daarom rekening houden met het aanpassen van tijdschema's. Sommige ondernemers laten het ritme van hun dieren ongemoeid en passen liever hun eigen werktijden aan.

Afschaffen blijft moeilijk

De Europese Commissie stelde al in 2018 voor om het halfjaarlijkse verzetten van de klok af te schaffen. Het Europees Parlement stemde daar in 2019 mee in, maar de lidstaten bereikten nooit overeenstemming. Daardoor blijft de huidige regeling voorlopig bestaan.

Overigens betekent kritiek op de klokwisseling niet automatisch dat veehouders de zomertijd willen behouden. Veel boeren geven juist de voorkeur aan de wintertijd als permanente standaardtijd, omdat het dan in de winter eerder licht wordt.

Advertenties · Zoekt u nog melkkoeien?

Deel dit artikel

Discussie op Prikkebord

20 reacties
Een knut (links) en een mug
Een knut (links) en een mug Beeld: Dunpharlain / Wikimedia Commons

Wat is het Shamonda-virus en hoe dodelijk is het?

In Frankrijk is voor het eerst het Shamonda-virus aangetroffen bij een mens. De patiënt, die een ernstig verzwakt immuunsysteem had, is inmiddels overleden. Het virus veroorzaakt sinds deze zomer ziekteverschijnselen bij runderen in verschillende Europese landen, waaronder Nederland. Maar hoe gevaarlijk is het voor mensen en dieren?

Door Tinus Guichelaar

De Franse gezondheidsautoriteiten maakten donderdag 22 oktober bekend dat het Shamonda-virus is vastgesteld bij een patiënt die in oktober overleed in een ziekenhuis in Lyon. De patiënt werd behandeld voor een ernstige aandoening en had al een sterk verzwakt afweersysteem.

Volgens de Franse autoriteiten houden de hersencomplicaties die bij de patiënt optraden zeer waarschijnlijk verband met de virusinfectie. Onderzoek moet uitwijzen welke rol het virus precies heeft gespeeld bij het overlijden.

Het is de eerste keer dat een besmetting bij een mens is vastgesteld. Hoewel het virus al sinds de jaren zestig bekend is, werd tot nu toe aangenomen dat mensen er niet mee besmet konden raken.

Wat is het Shamonda-virus?

Het Shamonda-virus (SHAV) werd in 1965 voor het eerst aangetroffen bij runderen in Nigeria. Het behoort tot de orthobunyavirussen en is nauw verwant aan het Schmallenbergvirus en het Akabanevirus.

Het virus wordt voornamelijk verspreid door knutten, kleine bloedzuigende insecten die ook blauwtong overbrengen. Rechtstreekse besmetting tussen volwassen dieren speelt voor zover bekend geen belangrijke rol.

Tot dit jaar kwam het virus vooral voor in Afrika en delen van Azië. In de zomer van 2026 werd het voor het eerst in Europa vastgesteld. Inmiddels zijn besmettingen aangetroffen in onder meer Duitsland, Frankrijk, Nederland, België, Zwitserland, Oostenrijk en Spanje.

In Europa circuleren twee genetisch verschillende varianten, aangeduid als SHAV-EU1 en SHAV-EU2.

Hoe gevaarlijk is het voor runderen?

Bij volwassen runderen veroorzaakt het virus vooral koorts, diarree, lusteloosheid, ademhalingsproblemen en een dalende melkproductie. Op sommige melkveebedrijven werd een productiedaling van meerdere liters per koe gemeld.

Voor volwassen runderen lijkt de ziekte doorgaans niet dodelijk. De grootste zorgen bestaan over besmettingen tijdens de dracht.

Het virus kan via de moederkoe het ongeboren kalf bereiken. Besmettingen kunnen leiden tot verwerpingen, doodgeboren kalveren en aangeboren afwijkingen aan het skelet of zenuwstelsel. Hoe groot deze risico's precies zijn, wordt nog onderzocht.

Ook schapen, geiten, paarden en alpaca's kunnen besmet raken.

Hiltje
Knutten zitten graag op vochtige omgevingen bij warm weer. Foto: J.S. Stelling · Bekijk op TractorFan

Hoe dodelijk is het voor mensen?

Dat is voorlopig onbekend. De overleden Franse patiënt is het eerste bevestigde menselijke besmettingsgeval. Op basis van één patiënt kan geen betrouwbaar sterftepercentage worden vastgesteld.

Daar komt bij dat de patiënt al ernstig ziek was en dus een sterk verzwakt immuunsysteem had. Het is daarom nog niet duidelijk hoe gevaarlijk het virus zou zijn voor verder gezonde mensen.

Ook is onbekend hoe de besmetting precies heeft plaatsgevonden. De Franse autoriteiten vermoeden dat de patiënt in het oosten van Frankrijk is besmet, waar het virus afgelopen voorjaar en zomer onder dieren circuleerde.

Volgens de Franse overheid is er op basis van de huidige kennis geen aanwijzing voor een gezondheidsrisico voor de algemene bevolking.

Is er een vaccin?

Tegen het Shamonda-virus is geen vaccin beschikbaar. Ook bestaat er geen specifieke behandeling die het virus bij besmette dieren uitschakelt.

Voor veehouders ligt de nadruk daarom op bescherming tegen knutten en het beperken van besmettingen tijdens kwetsbare perioden van de dracht.

De ontdekking in Frankrijk laat zien dat het virus onder uitzonderlijke omstandigheden ook mensen kan infecteren. Of dit een eenmalig incident blijft of dat vaker menselijke besmettingen worden ontdekt, moet verder onderzoek uitwijzen.

Deel dit artikel