Het weer zorgt voor rust op het boerenerf. De grasgroei is stilgevallen maar de nachtvorst is allesbehalve extreem. Er staat een beetje regen op het programma en op de lange termijn voor de afwisseling een frontale depressie.
De maximumtemperaturen schommelen rond het langjarige gemiddelde iets onder de 10 ̊ C en de wind draait op de nadering van een depressie vanaf de Golf van Biskaje van zuidoost naar zuid tot zuidwest, waarna de maximumtemperaturen tijdelijk iets boven het langjarige gemiddelde oplopen.
Noordelijke stroming zonder kou
Het is nog onduidelijk of deze depressie regen van betekenis achterlaat midden volgende week. Extreem grote hoeveelheden staan in ieder geval niet op het programma. Daarop volgt een nieuwe episode met rustig najaarsweer en relatief koude lucht uit Noord Europa. Als het dan in de nacht opklaart en de wind wegvalt, vriest het al snel een beetje in deze tijd van het jaar. Maar van kans op matige vorst is geen sprake. Zo zonnig als de afgelopen dagen wordt het waarschijnlijk ook niet.
Toenemend wisselvallig vanaf half november?
Op de lange termijn vanaf medio november lijkt op de nadering van een grootschalige depressie vanaf de Atlantische Oceaan de stroming weer zuidelijk te worden en wordt het mogelijk weer een stuk wisselvalliger. Maar de kans is net zo groot dat hogedrukgebieden, die de afgelopen week weer snel de overhand kregen na een korte kletsnatte en stormachtige periode, aanhoudend dominant blijven.
Smartdrip zet stap van proefveld naar eerste commerciële toepassing
Smartdrip wordt na vijf jaar ontwikkelen en testen voor het eerst commercieel toegepast. Bij Wilry Giesen in Beek krijgt zeven hectare grasland druppelslangen op ongeveer 20 centimeter diepte. Die voorzien het gras gericht van water en kunnen meerdere jaren blijven liggen.
Giesen verwacht hiermee op zijn droge zandgrond voldoende eiwitrijk gras te kunnen telen voor zijn biologische bedrijf. Smartdrip wil volgend jaar uitbreiden naar 30 tot 40 hectare, als de financiering en subsidie rondkomen.
Na vijf jaar ontwikkelen, onderzoeken en testen wordt Smartdrip voor het eerst commercieel toegepast op praktijkschaal. Bij agrarisch ondernemer Wilry Giesen in Beek wordt zeven hectare grasland voorzien van ondergrondse druppelslangen voor de gerichte toevoer van water. Op 25 november vertellen Kees de Groot (mede-eigenaar Smartdrip) en Wilry Giesen (agrarisch ondernemer) tijdens het Agro Innovatie Event bij Nedap in Groenlo samen over deze stap van proefveld naar praktijk.
De ontwikkeling van Smartdrip begon in 2021 vanuit het Melkvee Innovatie Centrum in Laren. In de jaren daarna werd de techniek verder ontwikkeld en getest. In 2024 werd een proefveld ingericht waarbij water en voedingsstoffen via ondergrondse druppelslangen werden toegediend. Een jaar later volgde onderzoek samen met Wageningen University & Research.
“Toen de resultaten in 2025 werden bevestigd, was voor ons het moment gekomen om door te pakken”, vertelt Kees de Groot, die samen met Erik Reefhuis eigenaar is van Smartdrip. “Je kunt blijven onderzoeken, maar uiteindelijk moet je ook kijken of het in de praktijk werkt.”
Eerste zeven hectare in de praktijk
Die praktijkfase begint nu bij agrarisch ondernemer Wilry Giesen in Beek. Op ongeveer zeven hectare worden de druppelslangen op circa 20 centimeter diepte aangelegd. Het is de eerste keer dat een agrarisch ondernemer het systeem op deze schaal zonder proefopzet als onderdeel van zijn bedrijfsvoering gaat gebruiken.
Voor Wilry komt die keuze niet uit de lucht vallen. Op hetzelfde perceel teelde hij eerder mais met druppelslangen die ieder voorjaar werden aangelegd en in het najaar weer verwijderd. Op deze droge zandgrond zag hij wat voldoende water met de opbrengst deed. “Het nut heeft zich voor mij eigenlijk al bewezen.”
Nu Wilry omschakelt naar biologisch verbouwt hij zelf geen mais meer en wil hij zoveel mogelijk gras telen. “Juist op deze droogtegevoelige grond is voldoende water daarbij belangrijk.” De nieuwe druppelslangen komen dieper in de grond te liggen en kunnen daar meerdere jaren blijven liggen. Dat scheelt ieder jaar opnieuw aanleggen en verwijderen.
Wilry ziet de investering daarom niet als een sprong in het diepe. “Voor mij is dit nu al een goede investering. Op deze grond en binnen onze biologische bedrijfsvoering verwacht ik dat het snel uit kan. Goed gras met voldoende eiwit is voor ons belangrijk. Op onze kleigrond thuis zou dat weer een ander verhaal zijn.”
Na deze eerste commerciële toepassing in Beek wil Smart Drip opschalen. Voor volgend jaar staat, mits de financiering en subsidie rondkomen, 30-40 ha op de planning.
Soms begint innovatie met de juiste verbinding
De Innovatie Coöperatie heeft geen rol gespeeld in de ontwikkeling van Smartdrip. Ze bracht via haar AI ontwikkelgroep twee partijen bij elkaar die nu samenwerken. Smartdrip mede-eigenaar Erik Reefhuis ontmoette daar Pieter Hoenderken, die met zijn ICT bedrijf inmiddels werkt aan het dataplatform voor de sensordata waarmee Smartdrip wordt aangestuurd.
“Onze rol bij Smartdrip is heel bescheiden geweest”, vertelt innovatiemakelaar Carel de Vries. “Maar dit vind ik wel een mooi voorbeeld van wat we als De Innovatie Coöperatie doen: mensen met verschillende kennis bij elkaar brengen en kijken wat daaruit kan ontstaan. Soms is één goede verbinding al genoeg om een innovatie weer een stap verder te helpen.”
Smartdrip op het Agro Innovatie Event
Op woensdagavond 25 november staan Kees de Groot en Wilry Giesen samen op het podium tijdens het Agro Innovatie Event bij Nedap in Groenlo. Kees vertelt over de ontwikkeling van Smartdrip en de stap van jaren testen naar de eerste commerciële toepassing. Wilry deelt waarom hij als agrarisch ondernemer juist nu voor het systeem kiest en wat hij ervan verwacht binnen zijn biologische bedrijfsvoering.
Zo komen op het podium zowel de ontwikkeling van de innovatie, als de keuze van de ondernemer die ermee aan de slag gaat samen.
Willen boeren permanent wintertijd? "Koeien hebben geen klok"
Komend weekend gaat de klok weer een uur terug. Voor veel Nederlanders betekent dat een uurtje langer slapen, maar op veehouderijbedrijven kan de overgang naar de wintertijd juist extra werk opleveren. Koeien, geiten en kippen houden zich immers niet aan de klok, maar aan hun vaste ritme. Vooral melkveehouders die op vaste tijden melken, moeten rekening houden met de omschakeling.
In de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 oktober gaat om 03.00 uur de klok terug naar 02.00 uur. Voor veehouders betekent dat soms dat het dagelijkse werkschema moet worden aangepast. Dieren zijn gewend aan vaste momenten voor voeren en melken. Een plotselinge verschuiving van een uur kan onrust veroorzaken.
Uit een eerdere peiling van Nieuwe Oogst (2018) onder 1.500 agrariërs bleek dat boeren verdeeld zijn over de zomer- en wintertijd. Vooral het tweemaal per jaar verzetten van de klok wordt als hinderlijk ervaren. Sommige melkveehouders meldden destijds zelfs tijdelijk een lagere melkproductie.
Groot voordeel van melkrobots
Er bestaat wel een belangrijk verschil tussen melkveehouders die traditioneel melken en bedrijven met melkrobots.
Wie trouw elke dag om zes uur 's morgens melkt, verschijnt na de overgang naar de wintertijd volgens de biologische klok van de koeien ineens een uur te laat op het strijdtoneel. Daarom kiezen veel melkveehouders ervoor de melktijden gedurende enkele dagen geleidelijk te verschuiven. Zo kunnen de dieren wennen aan het nieuwe ritme.
Bij bedrijven met melkrobots speelt dit probleem nauwelijks. De koeien bepalen daar grotendeels zelf wanneer ze gemolken worden. Afgezien van het feit dat een koe op een 25-urige dag meer melk lijkt te hebben geleverd, veranderd er niets.
Ook kippen kunnen geen klok kijken
Niet alleen melkkoeien zijn gevoelig voor veranderingen in hun dagelijkse routine. Ook in de pluimveehouderij spelen vaste tijdstippen een belangrijke rol.
Verlichting, voeren en andere stalprocessen worden vaak automatisch geregeld. Pluimveehouders moeten daarom rekening houden met het aanpassen van tijdschema's. Sommige ondernemers laten het ritme van hun dieren ongemoeid en passen liever hun eigen werktijden aan.
Afschaffen blijft moeilijk
De Europese Commissie stelde al in 2018 voor om het halfjaarlijkse verzetten van de klok af te schaffen. Het Europees Parlement stemde daar in 2019 mee in, maar de lidstaten bereikten nooit overeenstemming. Daardoor blijft de huidige regeling voorlopig bestaan.
Overigens betekent kritiek op de klokwisseling niet automatisch dat veehouders de zomertijd willen behouden. Veel boeren geven juist de voorkeur aan de wintertijd als permanente standaardtijd, omdat het dan in de winter eerder licht wordt.