Nieuwsgrazer
Abonneren
Alleen in deze browser bewaard. Log in om je startpagina overal te hebben.
John Deere 6630 Premium
Beeld: Martboutsen6630 / TractorFan

Brussel onderzoekt aanpassing natuurregels, mosterd na de maaltijd?

De Europese Commissie overweegt de Europese natuurregels aan te passen. Volgens De Telegraaf blijkt uit een gelekte planning dat Brussel de regelgeving wil openbreken. Dat zou Nederland kunnen helpen bij het oplossen van de stikstofcrisis. Maar hoe concreet zijn die plannen eigenlijk? Een groot deel van het onderzoek naar de natuurregels was al openbaar en een besluit over versoepeling is nog niet genomen.

Door Tinus Guichelaar Bijgewerkt

De Europese Commissie onderzoekt sinds mei 2026 of de Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn eenvoudiger en efficiënter kunnen worden uitgevoerd. Deze Europese richtlijnen vormen de juridische basis voor de bescherming van Natura 2000-gebieden en spelen daardoor een belangrijke rol in de Nederlandse stikstofproblematiek.

Op 12 mei begon de Commissie een openbare raadpleging, die tot 10 augustus liep. Daarbij konden overheden, bedrijven, belangenorganisaties en burgers aangeven tegen welke problemen zij in de praktijk aanlopen. De uitkomsten worden meegenomen in een zogenoemde stresstest van beide richtlijnen.

Het doel is om te beoordelen of de natuurregels minder administratieve lasten kunnen veroorzaken, zonder de bescherming van de natuur uit het oog te verliezen. De Europese Commissie heeft daarbij nadrukkelijk aangegeven dat ook aanpassing van de wetgeving tot de mogelijkheden behoort.

Ook de Nederlandse vergunningverlening wordt onderzocht

Op 23 oktober organiseerde Eurocommissaris Jessika Roswall een bijeenkomst met vertegenwoordigers van verschillende sectoren. Daarbij stond onder meer artikel 6 van de Habitatrichtlijn op de agenda.

Dat artikel is voor Nederland bijzonder relevant. Het schrijft onder andere voor dat projecten die mogelijk aanzienlijke gevolgen hebben voor Natura 2000-gebieden vooraf zorgvuldig moeten worden beoordeeld. De Nederlandse stikstofberekeningen en veel problemen rond vergunningverlening vloeien mede uit deze verplichting voort.

Ook uitzonderingen op soortenbescherming en het aanpassen van onderdelen van de richtlijnen werden tijdens de bijeenkomst besproken. De Commissie erkent daarmee dat de uitvoering van de Europese natuurwetgeving tegen praktische en juridische knelpunten aanloopt.

Wat is er daadwerkelijk nieuw?

Volgens De Telegraaf blijkt uit een gelekte planning dat Brussel overweegt de natuurregels open te breken. De inhoud van die planning is vooralsnog niet onafhankelijk bevestigd.

Dat de Commissie mogelijke wetswijzigingen onderzoekt, is echter geen nieuws. Op haar eigen website vermeldt Brussel al dat de stresstest moet uitwijzen of veranderingen in het wettelijke kader noodzakelijk zijn.

De resultaten van het onderzoek worden eind 2026 verwacht. Pas daarna kan duidelijk worden of de Commissie daadwerkelijk met voorstellen komt om de richtlijnen inhoudelijk aan te passen.

Een eventuele wetswijziging moet vervolgens nog door het Europese wetgevingsproces. Daarbij hebben ook het Europees Parlement en de lidstaten een rol.

Voor Nederland kan een wijziging van de Habitatrichtlijn grote gevolgen hebben. Vooral wanneer Brussel meer ruimte biedt bij het beoordelen van beperkte stikstofeffecten, zou dat de vergunningverlening kunnen vereenvoudigen.

Maar dan is het wel mosterd na de maaltijd.

Deel dit artikel

Discussie op Prikkebord

2 reacties
  • K

    kanniewaarzijn ·

    @producent Dan zal Nederland het enige land zijn dat niet meegaat in die versoepelingen, dat geef ik je op een briefje.

  • P

    producent ·

    Https://www.telegraaf.nl/binnenland/brussel-overweegt-verstikkende-natuurregels-open-te-breken-gouden-kans-voor-nederland-om-uit-stikstofcrisis-te-komen/1640465…

H2L Robotics Selector225 op AgroTechniek en GroenTechniek 2026
Beeld: Ingezonden foto / TractorFan

Zonder betere vergoeding voor boeren stokt de verduurzaming

Boeren en tuinders verdienen de extra kosten van verduurzaming lang niet altijd terug. Vooral biologische bedrijven hebben moeite om hun hogere productiekosten te compenseren. Dat blijkt uit de vijfde Agro-Nutri Monitor, die Wageningen Social & Economic Research heeft uitgevoerd in opdracht van de Autoriteit Consument & Markt (ACM). LTO Nederland ziet in de uitkomsten een bevestiging dat verdere verduurzaming alleen mogelijk is met een gezond verdienmodel.

Door Tinus Guichelaar

Voor het onderzoek zijn de prijzen, kosten en winstmarges van aardappelen, appels, tomaten, melk, varkensvlees en vollegrondsgroenten onderzocht. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen reguliere producten, biologische producten en producten met duurzaamheidskeurmerken zoals Beter Leven en On the way to PlanetProof. De financiële resultaten hebben voornamelijk betrekking op 2024.

Biologische landbouw onder druk

De onderzoekers constateren dat biologische boeren gemiddeld onvoldoende verdienen om alle kosten, inclusief een vergoeding voor hun eigen arbeid en vermogen, te dekken. Hoewel de kasstroom doorgaans positief is, blijft de rentabiliteit achter bij die van reguliere bedrijven.

Dat komt onder meer door lagere opbrengsten per hectare of per dier, hogere productierisico's en de relatief kleine omvang van biologische bedrijven. Biologische producten zijn in de supermarkt gemiddeld 20 tot 25 procent duurder dan niet-biologische alternatieven. Bij varkensvlees loopt dat verschil op tot ongeveer 60 procent, waardoor de vraag achterblijft.

Bij andere duurzaamheidskeurmerken is het beeld gunstiger. Melkveehouders en varkenshouders die volgens aanvullende duurzaamheidseisen produceren, behalen gemiddeld zelfs een beter rendement dan reguliere bedrijven. Dat komt mede doordat er afspraken bestaan over de vergoeding van extra kosten. Toch zijn de verschillen tussen individuele bedrijven groot en krijgt niet iedere ondernemer zijn meerkosten volledig terug.

Duurzaamheidsvergoeding bereikt boer niet altijd

Volgens de onderzoekers is vooral bij groenten en fruit onduidelijk of vergoedingen voor duurzaamheidsinspanningen daadwerkelijk bij de producent terechtkomen. De voedselketen kent meerdere schakels en de extra vergoeding wordt niet altijd afzonderlijk geregistreerd.

Ook brengt verduurzaming extra risico's met zich mee. Beperkingen op gewasbeschermingsmiddelen kunnen leiden tot lagere opbrengsten of afgekeurde producten. Daarnaast ervaren boeren de hoge kosten van certificering, administratie en controles terecht als belemmeringen.

De monitor laat verder zien dat Nederlandse producten met aanvullende duurzaamheidskeurmerken in het buitenland niet vanzelfsprekend een hogere prijs opleveren. Producten worden daar regelmatig als reguliere producten verkocht, zonder vergoeding voor de extra inspanningen.

LTO wil gezamenlijke verantwoordelijkheid

LTO Nederland herkent de conclusies en waarschuwt dat de duurzaamheidsdoelstellingen voor 2030 uit zicht raken als aanvullende maatregelen uitblijven. Volgens de belangenorganisatie kan de rekening voor verduurzaming niet uitsluitend bij boeren en tuinders worden neergelegd.

LTO pleit voor een sterkere onderhandelingspositie van boeren in de voedselketen, meer investeringen in innovatie, digitalisering en robotisering en publieke ondersteuning voor maatschappelijke prestaties die niet door de markt worden betaald.

Daarbij wijst de organisatie op het belang van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Ook moet volgens LTO worden voorkomen dat Nederlandse boeren moeten concurreren met geïmporteerde producten die niet aan vergelijkbare eisen voor duurzaamheid, dierenwelzijn en voedselveiligheid voldoen.

Een algemene verhoging van consumentenprijzen is volgens LTO niet vanzelfsprekend de oplossing. De organisatie vindt dat overheid, supermarkten, verwerkende industrie en andere ketenpartijen gezamenlijk moeten bijdragen aan de financiering van verduurzaming.

De uitkomsten van de Agro-Nutri Monitor laten daarmee een uiteenlopend beeld zien: verduurzaming kan voor boeren financieel aantrekkelijk zijn wanneer goede prijsafspraken bestaan, maar zonder voldoende vergoeding en beheersing van de risico's blijft verdere omschakeling voor veel bedrijven moeilijk.

Deel dit artikel

Bron

Discussie op Prikkebord

Nog geen reacties. Wat vind jij hiervan? Deel je ervaring of stel een vraag.

Strijd tegen droogte en muizenplagen
Beeld: Oane Jorrit / TractorFan

Muizenplaag vreet weilanden kaal, boeren zetten land onder water

Een extreme muizenplaag veroorzaakt massale schade aan graslanden in Nederland, waarop boeren hun percelen onder water zetten als noodmaatregel.

Door Tinus Guichelaar Bijgewerkt

Weilanden in Nederland vertonen grote bruine, kale vlekken door een extreme muizenplaag. Oorzaak is de droogte, die ervoor zorgt dat muizenpopulaties explosief groeien en het gras volledig afvreten.

Boeren zetten hun percelen onder water als noodmaatregel om de dieren te verdrijven of te verdrinken. Deze drastische ingreep helpt enigszins, maar kan de schade niet voorkomen. De economische gevolgen voor melkveebedrijven zijn groot: op sommige plekken loopt de kostenmeerpost al in de tonnen. Boeren beschouwen dit als ondernemersrisico, maar voelen zich er desondanks zwaar door getroffen.

Deel dit artikel